Het ‘fumerarium’ van het college. De lerarenbib: het ‘sanctus sanctorum’ van het college

25/06/2024

Een bij de leerlingen minder bekend stukje erfgoed is de lerarenbib van het college.  De ruimte kent een rijke en bewogen historiek.

Toen principaal (en eerste directeur) E.H. Gaston Deweer besloot om een residentiegebouw voor de inwonende priesters op te trekken op de locatie van de oude jongensschool in de Stationsstraat vroeg hij aan de architect een ruimte voor een rook- en leeszaal.  Die bevond zich boven zijn 72m² grote kantoor en op de plaats van de vroegere collegetuin.

 

Op de foto zie je duidelijk aan de glazen tabletten op de kleine bijzettafels met asbakken en rookgerief dat dit het eerste ‘fumerarium’ of de ‘smoorzaal’ was het college was.  Latere aparte rookruimtes werden ondergebracht in een paar voormalige kamers van priesters.  Uiteindelijk “verdween de rook om ons hoofd” (zoals Boudewijn de Groot dat zingt) definitief in 2018 toen er een algemeen rookverbod in scholen kwam.

 

In deze rook- en leeszaal sprak de principaal iedere avond om 19u00 af met de priesters-residenten om het wel en wee van het collegeleven te delen.  Samen rookten ze een sigaret of staken ze een pijp op en luisterden ze naar het radionieuws (en dat was in oorlogstijden illegaal en dus niet altijd evident).

 

Oorspronkelijk was deze locatie een echte art-décotempel met talrijke geometrische details en motieven.  De okerkleurige haardstenen, de kunstig afgebogen boekenkasten, de zware fauteuils met gebogen ruggen en leuningen tot de geometrische deurklinken en de ronde verlichtingsarmaturen (zgn. ‘circulines’) zijn fraaie art-déco voorbeelden.  Ook de staande klok en pendule op de schoorsteenmantel verraden art-déco invloeden.

 

De boekenkasten getuigen van de crisisjaren 1930 na de beurscrash van ‘Black Thursday’ want ze zijn in eiken fineer aan de buitenkant terwijl de binnenlegplanken in de veel goedkopere olm gemaakt zijn. Toch moet het een huzarenstukje geweest zijn voor het Waregems meubelatelier Vanwijnsberghe om de ruitvormige fineermotieven te versnijden en te lijmen en de kasthoeken af te ronden.

 

In de jaren ’90 werd er o.i. minder geslaagde renovatie of transformatie doorgevoerd.  De fineer die aangetast was door de nicotine werd schoongemaakt.  De poten van de stoelen werden echter ingekort en het plafond dat gebarsten was, werd vervangen door een vrij banale lattenconstructie.  Daardoor verloor deze voor Waregem wellicht unieke art-décobiblitoheek een deel van haar oorspronkelijke grandeur.

 

Aan een zijmuur hangen de portretten van de stichter van het college nl. E.H. A. Dumortier (die zijn medepastoor E.H. G. Deweer vrijstelde om een katholieke middelbare school in Waregem op te richten in 1929), burgemeester Felix Verhaeghe (die dat initiatief genegen was) en Malvina Delespaul (de mecenas en ‘first lady’ van het college die de bouw van o.a. de grote kapel financierde).  Aan de andere zijwanden hangen de portretten van een vijftal directeurs van na 1979 toen de unitaire school gesplitst werd in een handels- en humaniora-afdeling.

 

De zaal werd dus lang gebruikt als rookruimte en later als vergaderzaal. Het was heel uitzonderlijk dat leerlingen toegang kregen tot dit ‘sanctus sanctorum’ van het college.  In het prille begin van de collegehistoriek kwamen de zesdes (toen nog eerstes genoemd) er éénmaal samen: tijdens de proclamatie. Momenteel is het een stille werkruimte voor de leerkrachten en een vergaderruimte voor kleinere groepen. De bibliotheek omvat momenteel een collectie van hoofdzakelijk vakliteratuur.

aa