Scholengemeenschap Sint-Paulus

Dossier B79

02/11/2019

Victor Meersseman schreef begin juli een nieuw boek op zijn palmares. ‘Mensters het geheim van de nacht’ is een boek over Stijn, een mens die ‘s nachts in een monster verandert. Het boek ligt sinds deze vakantie in de bibliotheek in Vichte. Maar dat is niet het enige boek dat je van de jonge knaap kan terugvinden.

Voor Hartslag schreef Victor een kortverhaal, lees hier het volledige verhaal.

Ontdekking ​in regenweer

 

8:34

Regen druppelt op het dak van de hangar. Water stroomt voor de ramen waardoor de ruimte nog donkerder wordt. Een man wandelt doelloos rond. Zijn voetstappen galmen lang na. Opeens klinkt er een fel gepiep. De man kijkt naar de deur en lacht.

‘Ik ben er!’

‘Je weet wat je te doen staat?’

‘Ja, ik moet de bankdirecteur neerschieten. Je weet toch wel dat die opdracht heel gevaarlijk is?’

‘Ben je het geld vergeten? ‘

‘Nee, natuurlijk niet. 20.000 euro vergeet je niet snel!’

‘Ga nu, dan krijg je sneller het geld.’

De man die was binnengekomen wandelt terug naar buiten. Ondertussen wil de andere man de lamp uitzetten. Opeens hoort hij voetstappen. Hij neemt zijn geweer en verstopt zich.

 

8: 21

‘Vandaag wordt de hele dag regen verwacht. Het kan oplopen tot…’ . Steven zet de radio uit en gaat weer aan de tafel zitten. Hij eet zijn boterham op. Ondertussen komt zijn vrouw van de trap gewandeld.

‘Goeiemorgen, schat.’

‘Gofemofrgen.’ begroet Steven met een nieuwe boterham in zijn mond. Hij veegt zijn mond af en wandelt naar boven om zijn tanden te poetsen. Wanneer hij zijn mond spoelt, hoort hij dat zijn vrouw de radio heeft aangezet. Hij hoort heel zachtjes het woord regen.

‘Regen en wind. Kan het geen mooi zonnetje zijn?’ vraagt hij zichzelf af.

Steven wandelt de trap af en loopt daarna naar de garage.

‘Heb je alles mee?’

‘Ja, ja… hoop ik.’ Steven zet zich in de leren stoelen en rijdt uit de garage. Meteen wordt zijn auto vuil door de regen. Hij sluit de poort met de afstandsbediening en rijdt weg.

‘Wat heeft de radio vandaag te bieden?’ vraagt hij aan zichzelf. Hij zet de radio aan en luistert weeral naar het nieuws. Hij drukt op een andere post. Nu komt er de stem van een schlagerzanger uit:

‘We dansten heel de nacht lang.

Luisterden naar vogels hun gezang.

We lagen hand in hand

Waren de gelukkigste van het land’

Steven zet de radio uit voor de schlagerzanger zijn hoge ‘Voor jou’ zingt.

‘Willy Waters’ mompelt Steven. Je hoort hem overal. Het lijkt alsof elke radio dat liedje speelt. Dat gaat nog, maar als je dat liedje niet mooi vindt dan begrijp je wel hoe erg dat is. Steven stopt de auto voor het rode licht.

‘Zo kom ik nooit op tijd in het politiebureau.’ Steven werkt bij de politie. Hij heeft een examen afgelegd voor politieman, maar ze hadden mensen nodig die papieren sorteren. Dus dat is zijn job. Soms doet hij ook nog ander werk maar het meest zit hij dossiers te klasseren. Het licht springt op groen en Steven rijdt door. Opeens komt er een auto van een zijstraat op de weg rijden. Steven herkent hem. Dit is een auto die hij op een openstaand dossier heeft gezien! Hij ziet dat de auto in een zijstraatje afslaat. Steven volgt hem op de voet. Steven drukt zijn gezicht bijna tegen de voorruit zodat hij de auto beter ziet, want de regen zorgt ervoor dat het moeilijk is om de auto te zien. Opeens remt de auto en stopt voor een hangar. Steven zet zijn auto achter een muurtje. Hij tuurt over het muurtje en ziet een man uitstappen. Bruin, kort haar en groene ogen. Een vol gezicht. Dit was de man die bij dat dossier staat! De poort van de hangar gaat open. De man wandelt in de donkere ruimte en sluit daarna de ruimte. Opeens flitst de naam van de man door Stevens hoofd. Matthijs. Terwijl Steven naar de hangar sluipt, herinnert hij zich meer en meer informatie. Hij wordt al lang gezocht, heeft twee moorden op zijn naam en heeft al vijf jaar in de gevangenis gezeten voor drugs dealen. Een zware crimineel dus. Steven komt bij de poort. Zijn kleren zijn al zwaar geworden van de regen. Ik kan mij beter ergens anders verstoppen want als de poort opengaat ziet hij mij, beseft Steven. De man sluipt verder tot hij de linkerhoek van de hangar bereikt. Net als hij naar de poort wil kijken, gaat die met een hoop gepiep en gekraak open. De man van daarnet wandelt naar zijn auto. Hij haalt een geweer uit zijn zak en steekt er kogels in. Wanneer hij helemaal geladen is, steekt hij hem weer weg en stapt in zijn auto. De auto rijdt weg en Steven wandelt naar de poort. Ik kan beter eerst versterking opbellen, denkt Steven. Hij wil zijn gsm pakken maar voelt dat het toestel niet in zijn zak zit. Hij ligt nog in de auto beseft Steven. Hij wil hem gaan halen maar hoort dan beweging in de hangar. Vol nieuwsgierigheid doet hij de poort open. De hangar is donker maar wordt verlicht door één kleine lamp. Steven wandelt naar het midden van de hangar. Plots hoort hij iets vallen. Daarna een paar voetstappen.

‘Wie is daar?’ vraagt Steven. In plaats van te antwoorden richt er iemand een geweer op hem.

 

Helse achtervolging

Steven kijkt naar de loop van het geweer. Was het een slim plan om die man die op het politiedossier staat te volgen? Was het slim om in de hangar te gaan? Maar vooral, wie bedreigt hem nu?

‘Draai je om en ga op je knieën zitten!’ beveelt een mannenstem. Steven volgt het bevel en heft zijn handen in de lucht. Steven hoort voetstappen. De man wandelt langzaam naar de politieagent. Hij legt zijn geweer aan de kant en wil Steven vastbinden maar  slaat hard naar achteren. De man vloekt maar Steven luistert niet, hij staat vlug op en rent weg. Tijdens het lopen hoort hij een schot, de kogel suist naast zijn hoofd, door de poort die vijf meter van hem verwijderd is! Gelukkig heb ik de poort laten openstaan, denkt Steven. Hij hoort dat de man vlak achter hem zit. Hij ziet zijn auto, opent de deur razendsnel, stapt in en geeft meteen gas. De auto scheurt weg. Steven stuurt terwijl hij zijn gordel aandoet. Als hij rap een bocht zal nemen, zit hij zo beter vast. Hij drukt het gaspedaal bijna door de vloer. Vlug slaat hij linksaf. Regen vliegt tegen zijn voorruit. Opeens ziet hij iets verontrustend in de achteruitkijkspiegel. De man van het politiedossier, Matthijs, rijdt op een rode motor achter hem. Steven concentreert zich weer op de weg. Opeens vliegt er een kogel door de voorruit. Ik zit diep in de problemen, denkt Steven. Een nieuwe kogel brengt hem uit zijn gedachten. Vlug draait hij zijn stuur naar rechts. Zijn auto slipt op de natte weg. Door een derde kogel breekt het glas voor hem. Glasscherven vallen in Stevens auto. Een paar snijden zijn arm. De rode motor komt links naast Stevens auto rijden. De man pakt zijn geweer en mikt. Steven draait vlug naar rechts. De motor ontwijkt de achterkant nipt en slaat daarna ook af. Steven kijkt weer in de achterruitkijkspiegel. Hij ziet weer het gezicht van de man van het dossier. Deze probeert nu langs rechts de auto in te halen. Steven gooit zijn stuur naar rechts. Hij geeft meteen weer gas en rijdt verder. Hij kijkt in zijn spiegels en ziet dat de motor achter hem blijft. Opeens merkt Steven dat hij in een eenrichtingsstraat is gereden. In de foute richting! Er vliegt een kogel tegen het dashboard. Plots ziet hij een vrachtwagen voor hem. Rechts staan er huizen en links een gracht! In een gracht rijden is beter dan huizen, denkt Steven. Hij draait naar links. Zijn auto vliegt over de gracht. De auto komt met een enorme kracht terug op de grond. Steven geeft meteen weer gas. Hij moet nog even bekomen van de schok. Hij vloog door de lucht! Gelukkig heb ik een gordel aan, denkt hij. Steven rijdt nu over een wortelveld. Zijn auto is geen terreinwagen en Steven wordt helemaal door elkaar geschud. Hij ziet een plek waar hij terug op de weg kan rijden. De man ziet dat de motor hem langs de weg probeert bij te houden. Steven rijdt even op het voetpad maar daarna zitten zijn vier wielen terug op de weg. Plots ziet hij dat de motor voor hem rijdt! Steven draait zijn auto naar rechts, weer de weg af. Hij heeft te weinig snelheid en valt in de gracht die daar is gegraven. Zijn gordel is kapotgegaan door de glasscherven en Steven wordt uit de auto geslingerd. Glasscherven vliegen in het rond. Steven valt met zijn hoofd hard op de grond. Hij ziet dat er hier geen enkele auto voorbijrijdt. Opeens wordt alles zwart voor zijn ogen.

 

‘Wat doen we ermee?’

‘Je moet je opdracht voltooien. Dood de bankdirecteur. Daarna vluchten we weg.’

‘Oké, maar als ik zie dat je zonder mij door bent gegaan zal ik je zoeken en een gaatje in je hoofd maken!’

‘Ik ga niet zonder jou wegvluchten. Dat beloof ik zolang ik Rudolf heet!’

‘Wat doen we met hem?’

Steven voelt bijna dat de man naar hem wijst.

‘We hebben al genoeg tijd verloren. We gaan gewoon verder met het plan.’

Steven opent langzaam zijn ogen. Hij hoort de voetstappen van de mannen. De ene man herkent hij van het politiedossier. De andere is waarschijnlijk degene die hem daarnet bedreigd had. Hij heeft blond haar dat strak naar achteren is gekamd. Zijn blauwe ogen kijken naar het wrak dat eerst Stevens auto was. Waarschijnlijk is dat Rudolf, denkt Steven. Vermoeidheid trekt aan Stevens oogleden, maar hij houdt ze open. Steven kijkt rond en ziet zijn GSM op de grond liggen. Langzaam kruipt hij er voorzichtig naartoe. Zijn kleren worden vuil door de regen. De twee mannen mogen er niets van merken of zijn kans op redding is weg. Steven ontgrendelt zijn GSM. Hij gaat naar zijn contacten. Hij ziet dat hij bijna geen batterij meer heeft! Zijn vrouw staat vanboven aan de lijst. Hij drukt erop. Moeizaam typt hij de boodschap: ‘Criminelen hebben mij achtervolgd. Ik ben gecrasht. Bel de politie. Zij kunnen mijn gsm traceren.’ Steven drukt op verzenden. De vermoeidheid trekt te veel aan zijn oogleden en Steven valt bewusteloos.

 

De ontknoping

Politiewagens rijden met volle snelheid naar de plaats waar Steven gecrasht is. Eerst rijden ze met loeiende sirenes maar als ze dichterbij komen schakelen ze de sirenes uit om de misdadigers niet te waarschuwen. Al van ver zien ze een auto omgekeerd op een veld liggen.

Steven komt traag bij bewustzijn. Langzaam duwt hij zich recht. Wat was er gebeurd? Plots herinnert hij het zich allemaal weer. Hoe hij de auto van het politiedossier zag en achtervolgde. Hoe hij daarna de hangar binnenwandelde, daar bedreigd werd en daarna wegvluchtte en ook hoe hij dan was gecrasht. Hij kijkt rond en ziet de politiewagens aanrijden. Ze stoppen vijf meter van Steven en er stappen politieagenten uit. Ze trekken hun geweren en richten naar de crash.

‘De daders zijn weggelopen’, zegt Steven. Voorzichtig wandelen de agenten naar Steven. Iemand neemt zijn GSM en belt naar de ambulance. Opeens schiet er Steven iets te binnen.

‘Ze gaan de bankdirecteur doden!’

‘Weet je dat zeker?’ vraagt een agent.

‘Ja, daarnet hadden ze het erover.’

‘Oké, ik zal het melden.’ De agent wandelt weg en vertelt het tegen zijn baas. Stevens aandacht wordt nu door de aanrijdende ambulance getrokken. Twee verplegers pakken hem op en leggen hem op een draagberrie. Nu valt het Steven pas op hoe erg hij er aan toe is. Zijn broek is besmeurd met bloed en er zitten glasscherven in zijn armen en benen. Een verpleegster gaat naast Steven zitten.

‘Lig je goed?’ vraagt ze.

‘Ja.’ De ambulance begint te rijden. Steven wordt door elkaar geschud, als de vrouw nu weer hetzelfde zou vragen was het antwoord zeker nee. Na tien minuten komt de ambulance aan in het ziekenhuis.

 

‘Welkom bij het nieuws van zeven uur…’ Steven heeft gelukkig geen zware verwondingen overgehouden aan de crash. Na drie uur mocht hij terug naar huis. Hij was meteen in de zetel geploft en zijn lieve vrouw voorziet hem van koekjes en koffie. Steven heeft de televisie aangezet en kijkt nu naar het nieuws.

‘Vandaag is er veel gebeurd en we gaan dat allemaal met u overlopen. Twee uur geleden wou er iemand een aanslag plegen op de bankdirecteur die vandaag een gebouw ging inhuldegen. De man had een geweer onder zijn trui verborgen. Maar hij wist niet dat de politie het evenement extra had beveiligd. Dit deden ze omdat een moedige politieagent tijdens dat hij naar zijn werk reed een auto herkende uit een politiedossier. Deze politieman heeft de auto stiekem achtervolgd. Hij kwam bij de plaats waar de twee misdadigers hadden afgesproken. De agent werd ontdekt en er kwam een achtervolging van die eindigde toen de auto van de agent crashte. Hij heeft gelukkig nog net zijn collega’s kunnen verwittigen.

De misdadiger probeerde samen met zijn handlanger weg te vluchten. Ze waren te snel aan het rijden en zijn uit een bocht gevlogen. De man die wou schieten is zwaar gewond en ligt nu in het ziekenhuis. Het is een man die al bekend is bij de politie voor een paar zware daden. De andere man kon meteen verhoord worden.’ Steven wil een gat in de lucht springen, maar dat gaat niet door zijn verwondingen. Een perfecte dag, denkt hij. Opeens schalt het lied van Willy Waters uit de radio.

‘Bijna perfect dan.’, mompelt Steven en hij neemt nog een slok van zijn tas koffie.

 

 

Victor Meersseman

 

 

Meer activiteiten

Er gebeurt nogal wat op onze school: sport, cultuur, ontspanning, internationale uitwisselingen en excursies, … voor, tijdens en na de lessen. Bekijk hier de foto’s van de meest recente activiteiten.
Toon alle activiteiten

aa